Voor ik vergeet

Door: Hugo van der Wedden

Gisteren heb ik Luther vroeg van de crèche gehaald om nog even een stukje te fietsen langs de Vecht. Er zijn weinig dingen waar ik dat lieve jongetje blijer mee maak. Zijn blonde peuterharen in de wind, enthousiast wijzend naar alles wat hij mooi vindt: tractors, bootjes, lammetjes, een ooievaar, en zijn favoriet, de ezel in het weiland bij de spoorwegovergang. Na de fietstocht eten we een ijsje bij Nelis. Luther bestelt aardbeienijs. Om de beurt geven we elkaar een hapje.

Samen op het houten bankje in de Slijkstraat, het is een onvergetelijk moment. Althans, zo lijkt het. Luther is twee. Wat zal later als hij volwassen is zijn eerste herinnering zijn? Vage beelden van de lagere school waar hij nog lang niet naartoe gaat. Misschien een vakantie op zijn vijfde of zesde? Maar niet het huidige moment. Ons samenzijn, hier bij Nelis, na een mooie fietstocht, het zal hem niet bijblijven. Dat is aan mij. Ik kan hem later vertellen dat het is gebeurd, en hoe fijn het was.

Het vergeten van mooie momenten problematiseren we bij ouderen. We noemen het dementie. Waarom nog bij tante Cora op visite gaan als het bezoek toch niet beklijft? Ze weet allang niet meer wie ik ben. Bij peuters doen we er niet moeilijk over. Toch stemt het me treurig. Wat als ik zelf later dement word? Wat als ik ook de fietstochten langs de Vecht vergeet? Dan ben ik oud, en zit Luther als volwassen man naast me. Ooit aten we in de lente van 2018 een ijsje bij Nelis, en deelden we een lepeltje. Wat waren we gelukkig. En nu zijn we het allebei vergeten. Heeft het überhaupt nog plaatsgevonden? Wie zegt dat?

De vergankelijkheid. Het begint met een moment dat verloren raakt. Eerst in een ontwikkelend brein, later in een aftakelend brein. Op een dag zal de wereld, decennia na mijn dood, mij als persoon vergeten. Honderd jaar later zal ook Luther vergeten zijn. Weer later vergaat de aarde en zal alles dat ooit gebeurd is verdwijnen in het niets. Weesp, de oevers van de Vecht, ezels en ooievaars, er is niemand meer die er een herinnering aan heeft.

De gedachte daaraan is beangstigend. Het is waarschijnlijk de reden dat iedereen de drang voelt alles digitaal vast te leggen. Ga naar een concert en je ziet duizenden jongeren filmen met hun telefoon. Opdat het moment bewaard blijft voor de eeuwigheid, dat het niet vergeten wordt. Ander is het allemaal voor niets geweest.

Hierin schuilt de tragiek van dementie. Het grote vergeten legt de zinloosheid van het bestaan bloot. Momenten en verhalen verdwijnen uit het geheugen, mensen verdwijnen, uiteindelijk verdwijnt alles. En dat willen we niet. Iets dat echt belangrijk is moet beklijven. Dementie tast de illusie aan dat alles wat we meemaken van waarde is. De persoon met dementie tast die illusie aan. Hij is de boodschapper van het slechte nieuws. Zijn vergeten is het begin van het einde. Het einde van ons allemaal.

Vanmiddag zal ik Luther weer vroeg ophalen van crèche. We zullen hetzelfde rondje fietsen langs de oevers van de Vecht. En even enthousiast als gisteren zal Luther wijzen naar ezels en ooievaars. Het ijsje slaan we over vandaag. Het moet wel bijzonder blijven.

Hugo van der Wedden is medisch socioloog, zorgdeskundige en publicist. Op Dementieweb neemt hij zitting in het e-Spreekuur.

Jouw verhaal op deze site?

Wil je zelf een bijdrage leveren aan deze site klik dan hier

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *