Nog voor haar vijftigste blijkt Eva te lijden aan een hersenziekte met dementie en parkinson als gevolg. Wanneer de diagnose wordt gesteld is ze net hoogleraar. Ze heeft zich opgewerkt vanuit armoede en carrière gemaakt in een tijd waarin dat voor vrouwen nog uitzonderlijk was. Ze is hét voorbeeld voor een generatie die zich wilde vrijmaken van oude structuren en godsdienstige gewoonten. De ziekte van Eva zet de verhoudingen in het gezin op scherp. Ziek zijn? Dat was iets voor anderen. Niet voor Eva.

In de loop van vele jaren verandert een zelfstandige moeder in een kindse vrouw in een rolstoel die haar eigen tranen niet meer kan wegvegen. De rollen draaien zich om, moeder wordt kind. Maar de relatie tussen Eva en haar jongste dochter verbetert tijdens het ziekteproces. Haar ziekte maakt dat Eva op een bepaalde manier ook in positieve zin verandert. Ze kan eindelijk de controle loslaten en niet alles hoeft meer perfect te zijn.

Reacties:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *