Door: Rikke Komen

Bij de Tao of Care zijn we druk bezig met de Social Trials; vierjarige experimenten in acht verschillende gemeenten in Nederland, waarbij mensen met dementie en hun naasten tijdige en structurele psychosociale ondersteuning ontvangen. In de pilot hiervan - de Proeftuin Sociale Benadering Dementie - hebben we gezien dat de levenskwaliteit hierdoor toeneemt en verpleeghuisopname minder snel nodig is. De financiële baten die dit oplevert moeten ten goede komen aan de ondersteuning van mensen zelf, in de lange jaren dat zij met dementie thuis wonen.

De Sociale Benadering Dementie is de visie die ten grondslag ligt aan deze Social Trials, waarin nadrukkelijke aandacht is voor het samenspel van medische, sociale en psychologische behoeften.
In de Proeftuin is bijvoorbeeld geëxperimenteerd met een Gids, een vertrouwenspersoon die gedurende het gehele proces betrokken is en mensen met dementie en hun naasten ondersteunt.
Iemand die bijvoorbeeld denkkracht biedt om overbelasting en crisissen te voorkomen en meer inzicht en betrokkenheid van een familie creëert door situaties bespreekbaar te maken.

Inzicht krijgen in de leefwereld van betrokkenen

Elke nieuwe Social Trial starten we met een scan; een afgebakend oriënterend en etnografische verkenning in een specifieke gemeente of buurt. Kwalitatief onderzoek in de vorm van gesprekken voeren en meelopen in de praktijk is voor de antropologen van de Tao of Care een manier om een perspectiefwisseling mogelijk te maken. Het perspectief van mensen die met dementie te maken hebben komt hierbij centraal te staan.

Wie de tijd neemt om langer aandachtig door te praten met betrokkenen, wie meeloopt in het dagelijks leven van mensen met dementie, hun naasten, buren en hulpverleners, leert over hun ‘leefwereld’. Omdat je de tijd neemt, betrokkenen actief uitdaagt na te denken over waar het eigenlijk om draait, en met hen meekijkt in de praktijk, worden hun beweegredenen en handelingsmotieven inzichtelijk.
Doelstelling van dit type onderzoek is het begrijpen welke soort ondersteuningsbehoeften, vragen, verwachtingen en drijfveren bij mensen met dementie en hun naasten een rol spelen. En hoe het kan dat deze behoeften al dan niet aansluiten op het type aanbod dat wordt geleverd.

Bij kwalitatief onderzoek wordt, in tegenstelling tot kwantitatief onderzoek, niet gestuurd op het verkrijgen van cijfermatige informatie, maar juist op het achterhalen van onderliggende, verwachtingen, behoeften, eisen en meningen van een bepaalde doelgroep. Kwalitatief onderzoek streeft dus niet naar een statistisch representatief beeld, maar naar een dieper inzicht en begrip van een dagelijkse praktijk.

Meer begrijpen door mee te doen

Dus fiets en wandel ik door verschillende gemeenten in Nederland, en spreek met onder andere mensen met dementie, mantelzorgers, huisartsen, thuiszorgmedewerkers, coördinatoren van ontmoetingsgroepen, bestuurders, beleidsmedewerkers en wijkverpleegkundigen.
Ik schuif aan bij de lunch in buurthuizen, organiseer focusgroepen met mensen met dementie en mantelzorgers, drink koffie bij ontmoetingsgroepen, bezoek mensen thuis voor een gesprek en laat me verrassen door wat ik tegenkom.
Zo vertellen mantelzorgers me over hun zorgen over het veranderende toekomstperspectief, mensen met dementie over wat het betekent om je ergens welkom en geaccepteerd te voelen, een thuiszorgmedewerker over wat ze mensen in de thuissituatie proberen te bieden, en een coördinator van een buurthuis over hoe voorzieningen sociaal toegankelijk kunnen zijn.

Doordat je niet alleen diepte-interviews doet, maar ook daadwerkelijk naar de plekken toegaat waar mensen over praten, zie je de complexiteit van dingen duidelijker. Immers vinden mensen het soms lastig om reflectief te zijn over de dingen die ze nodig hebben. Maar als je in het buurtcentrum tussen de bezoekers zit en de onderlinge interacties observeert, begrijp je soms beter wat mensen vertellen. Zoals de dame die niet goed onder woorden kan brengen waarom ze op haar plek zit in een ontmoetingsgroep, maar waarbij je ziet hoe de bereidwillige, hulpvaardige houding van andere bezoekers haar laat zien en voelen dat ze erbij hoort.

Thema's, ideeën & plannen delen

We nodigen alle respondenten en andere betrokkenen naderhand uit in een werksessie om samen met ons de resultaten te bespreken, en te bedenken hoe we nu verder gaan. Tijdens zo’n bijeenkomst worden de overkoepelende thema’s uit de scan gepresenteerd, en gaan mensen uit de praktijk met elkaar in gesprek over wat er nodig is. Vervolgens worden de opgedane ideeën omgezet in concrete plannen, en uitgeprobeerd binnen de verschillende Social Trials.

In de blogs over de Social Trials die je de komende tijd kan lezen op Dementieweb,  laten we zien wat er gebeurt nadat een scan is afgerond, en de opgehaalde thema’s en ideeën worden omgezet in interventies voor de praktijk.

Reacties:

  1. Goedemiddag Rikke. Wat goed dat jullie inventariseren wat deknelpunten zijn. Wat is de meerwaarde van de Gids op de Casemanager? Wij ervaren veel steun en hulp van onze Casemanager. Ook Psycho- sociaal.

  2. Hoi Marianne, dank voor je reactie!
    Wat fijn dat jullie goede ervaringen hebben met de steun van een casemanager. Helaas horen we in de praktijk nog altijd veel terug dat mensen geen casemanager krijgen toegewezen, of daar met name praktische hulp van ontvangen (wat bij regelzaken natuurlijk ook erg behulpzaam is).
    In onze ervaring hangt het nu nog teveel van toeval af, of je een casemanager treft die veel oog en aandacht heeft voor psychosociale behoeften en manieren op daarop in te springen.
    We pleiten dus voor het uitbreiden van of beter invulling geven aan de rol van de casemanager, óf een ander persoon in het netwerk aanstellen die de functie van vertrouwenspersoon vervult. Die persoon wordt dan het luisterend oor, de meedenker, de persoon bij wie je direct vanaf de diagnose (of zelfs eerder) terecht kan met de dingen waar je het moeilijk mee hebt.

  3. Hallo Rikke. Wij hebben een Casemanager die geen andere taken heeft. Min of meer een eigen toko heeft. En voor het grootste gedeelte haar eigen tijd indeelt. Een wijkverpleegkundige bijvoorbeeld heeft een andere taakomschrijving. En minder vrijheid om haar of zijn uren in te delen. Ik denk dat het niet uitmaakte hoe je de functie noemt. Als de taakomschrijving maar duidelijk is. En als men maar voldoende uren toegewezen krijgt. En natuurlijk wel aan de vakinhoudelijke kennis toe komt. Ik denk dat we met z’n allen moeten strijden voor de goede invulling van het Casemanagement. Hoe je het gaat noemen maakt niet uit.

  4. Beste Rikke,

    Wat ontzettend goed om te lezen dat jullie op deze manier kijken naar de zorg voor dementerenden. Wat ik merk wat betreft de casemanager, is dat zij inderdaad belangrijke taken vervullen, maar het deel psychosociale hulp soms mist. Zelf ben ik op zoek naar een baan in de zorg, waarbij ik degene mag zijn die een luisterend oor bied, meedenker is en de rol van vertrouwenspersoon op me kan nemen. Zelf zie ik die rol (als Gids) weggelegd voor personen die de opleiding Toegepaste Psychologie hebben afgerond, welke ik ook heb gevolgd. Hierover kan ik veel vertellen waarom ik dit vind, maar laat ik hier even voor wat het is ;). Het in de zorg voor elkaar krijgen van zo’n functie is echter best lastig, waarbij ik denk dat dit ook wel bij het onderzoek naar voor komt. Zelf vind ik dit heel jammer en tevens een gemiste kans.

    Ik weet niet in hoeverre het mogelijk is, maar ik zou het fijn vinden om wat meer informatie te krijgen over het onderzoek. Daarbij lijkt het me heel leuk als ik iets voor het onderzoek kan betekenen (of de interventies die volgen), aangezien ik ontzettend enthousiast ben over deze aanpak en de uitkomsten van dit onderzoek. Graag hoor ik of hier iets mogelijk is, maar begrijp uiteraard als dit niet kan!

    Met vriendelijke groet en veel succes verder gewenst,
    Rachel van Boven

6 gedachten over “De scan in de Social Trials: op zoek naar ondersteuningsvragen in de wijk”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *