Wat ik leerde van mijn oma Lan

Door: Hidde

Doel: openlijke discussie over pijnlijke ervaringen.

Wat ik heb geleerd van mijn lieve oma Lan, door wekelijks tijd met haar door te brengen tijdens de laatste drie jaar van haar leven.

 

Mijn inmiddels overleden oma leed aan dementie in deze periode. Het laatste jaar viel de versnelling van haar dementie op, omdat zij erg futloos leek en enkele familieleden niet meer kon herkennen.

We hebben veel meegemaakt, ons zorgen gemaakt en ook wel gelachen. Ze ‘ontsnapte’ uit enkele verzorgingstehuizen, waarbij ze eenmaal zelfs vanuit Amsterdam haar oude huis in Rotterdam wist te bereiken zonder een cent op zak te hebben.

We besloten haar vaker te bezoeken. Iedereen (van de familie) zou wekelijks tijd met oma Lan door brengen. In het begin werkte dit erg goed en vroeg ik mij bij tijden zelfs af waarom ze niet gewoon thuis in Rotterdam kon zijn, in plaats van tussen en met mensen die ziek waren. Ik vond het er soms best eng. Sommigen van de bewoners van het verzorgingstehuis hadden de oorlog nog meegemaakt, en konden angstaanvallen krijgen wanneer iemand begon te schreeuwen. Anderen waren meer in de war over waar ze waren en wilden erg graag naar hun oude huis terug.

Haar eerste verzorgingstehuis was best een enge plek. Tussen twee hoge appartementencomplexen was een klein overdekt plein met planten en banken in het midden. Er kwamen geen ramen op dit plein uit of een andere vorm van natuurlijk licht, wat mij een akelig gevoel gaf.

Ik was niet graag op de afdeling en probeerde het mij in te beelden hoe het zou zijn om hier te wonen.

De eerste paar keren ging ik samen met mijn moeder naar oma. We namen dan kwasten, schilderdoek, foto’s en oude schilderijen mee van oma Lan om haar saaie kamer gezellig te maken. Op deze manier zou zij zich meer thuis voelen dachten we. Mijn oma hield ervan om te schilderen en exposeerde soms. Ze kon een landschap realistisch en kleurrijk op het doek krijgen. ’S middags liepen wij soms buiten door de tuin van het verzorgingstehuis.

Mijn moeder bezocht verschillende verzorgingstehuizen voordat ze er een vond waar ze zich goed bij voelde. Een verblijf met een grotere gezamenlijke ruimte, een tuin en verzorgers die extra moeite deden om de ouderen zich op hun gemak te laten voelen.

Het grootste deel van de dag bracht oma Lan in de gemeenschappelijke woonkamer  met de andere bewoners door. In de woonkamer hangt een oude klok, meerdere tapijten, schilderijen en meubels uit de jaren 40/50/60 zodat zij zich thuis voelen.

Toen het moment kwam dat ik haar zonder mijn moeder en familie  ging bezoeken viel het mij op dat het moeilijker werd haar aandacht te krijgen. Ze vroeg niet erg veel, waardoor het een eenzijdig gesprek werd. Ik leerde dat de meeste bewoners het grootste gedeelte van de dag slapend doorbrengen. Dus besloot ik om haar wakker te houden en haar favoriete muziek op te zetten. Zangers als Ramses Shaffy , Liesbeth List en Herman van Veen. Mijn moeder las haar gedichten voor van Toon Hermans en kinderboeken (lekkere korte zinnen en plaatjes).

Wanneer ik kwam lag ze vaak te slapen. Maar als ik begon te praten werd ze wakker en was blij om mij te zien. Sommige dagen was ze erg helder en leek ze bijna onaangetast door de dementie. Andere dagen leek ze verdwaald. Niet in staat om te begrijpen waar ze was en wie ik was. Dit laatste was confronterend en soms dacht je dan dat je eigen oma Lan er niet meer was. In het begin probeerde ik haar dan te overtuigen dat ik wel degelijk haar kleinzoon was, maar later ontdekte ik dat het beter was haar niet te confronteren met haar onwetendheid. Daar werd ze angstig van.
Andere ouderen stelden constant vragen ‘waar hun dochter was’, hoe ze het gebouw konden verlaten en of ze met mij naar buiten mochten. Vaak waren zij op zulke momenten erg gefrustreerd of boos. Bij Oma Lan zag ik dit gelukkig niet.

Wanneer je luisterde naar hun onderlinge gesprekken kon je vaak maar kleine stukken begrijpen. Maar de ouderen zelf leken elkaar prima te begrijpen en luisterden dan aandachtig naar voor mij totaal onbegrijpelijke gesprekken. Sommigen werden ook vrienden van elkaar.

Vaak speelden we samen een spelletje met ‘gezegdes’. Sommige ouderen waren hier heel goed in, waarschijnlijk omdat hun lange-termijngeheugen hen nog niet helemaal in de steek had gelaten.

Oma Lan kon soms wel boos en opstandig worden wanneer ze dacht dat ze nog niet gegeten had. Paranoia-achtige gedachtes begonnen langzaam op te bouwen. Om deze agressie en angstneigingen tegen te gaan kreeg zij pillen. Ook kreeg zij slaappillen en een pil om het achteruitgaan van haar brein te vertragen. De bij-effecten van deze pillen zorgden ervoor dat oma Lan twintig kilo aankwam in een half jaar. Oma had al last van haar knieën en de medicatie zorgde er nu ook voor dat ze nu echt niet meer kon lopen. Voordat ik het wist zat ze in een rolstoel.

Het resultaat was dat oma best hard achteruit ging, fysiek, mentaal en sociaal. De dementie nam toe en het werd moeilijker om voor haar te zorgen en de eerdere gesprekken werden nu alleen nog maar monologen. Ik ontdekte dat ik bij mijn bezoeken een positieve houding moest aannemen. Zo niet, dan voelde ze dat aan en werd onzeker en angstig.

Mijn moeder en ik keken naar de documentaire ‘Alive inside’. Van deze documentaire leerde ik dat het belangrijk was om gevoel, zicht, gehoor, smaak en geur te stimuleren. Hiermee zou je de hersenen stimuleren en wakker schudden. De filmmaker gebruikt muziek om het geheugen van ouderen op te frissen. Bij het horen van de muziek, komen mooie herinneringen aan oude tijden terug. De tijd dat ze nog konden dansen en plezier maken. Opeens kunnen ze soms weer op woorden komen en liedjes mee zingen of vertellen hoe mooi de muziek is en waar het ze aan doet denken. Echt mooi om te zien.

Op sommige avonden zongen de verzorgers en de bewoners van het verzorgingstehuis liedjes en dansten zelfs: erg grappig. Er was een bewoonster uit de Jordaan, die alle oude vergeten liederen nog kende. Volgens mij genoot oma Lan hier enorm van, hoewel ze dit niet uitsprak.

Bij een zoektocht op het internet ontdekte ik dat je dementerende ouderen beter niet kunt benaderen van achter. Dit zou een angstreactie kunnen opleveren. Ook uitspraken als “tot snel” begrijpen ze soms niet, omdat ze dan geen begrip meer hebben voor wat ‘snel’ betekent. Het is dus beter om meer specifiek te zijn en bijvoorbeeld te zeggen “ik zie je na het eten”. Lange verhalen zijn moeilijk om te volgen, dus korte zinnen hebben de voorkeur. Ook keuzes als “koffie of thee?” zijn ingewikkeld. De opties individueel zeggen werkt beter.

Ik las ook dat mensen met dementie vaak erg onrustig kunnen zijn. Ze hebben graag iets in hun handen en als ze nog goed kunnen lopen, lopen sommigen de hele dag rondjes. Ogen zijn gevoelig, het dimmen van de lichten werkt hiervoor dus goed en iets simpels als zacht aanraken kan helpen om rustig te worden.

Een van de rare momenten was wanneer oma Lan het had over dat ze haar vader volgende week weer zou zien in haar ouderlijk huis (niet het huis waar ze de laatste jaren voor het verzorgingstehuis had doorgebracht). Het leek of het meeste van haar leven gewist was en haar gezond redeneren niet meer werkte. Er waren zeker momenten dat oma Lan erg wakker was en bewust van haar omgeving, maar andere momenten was ze weer gedesoriënteerd en in de war.
Het is moeilijk om met iemand te praten die weinig tot geen respons geeft. Je zou zelfs kunnen zeggen dat ze niet meer echt in leven was. Ik heb toch geleerd dat het belangrijker is om altijd te praten en hardop te lezen, zelfs als ik geen respons kreeg. Gehoor is ook een erg belangrijk zintuig, vaak een van de laatste zintuigen die het begeeft en het is het zintuig om te ‘verbinden’.

Het werd voor oma Lan steeds moeilijker om de juiste woorden te vinden, ze leek ze niet meer te kunnen herinneren. Je kon zien dat dit haar erg frustreerde, wat ervoor zorgde dat ze minder en minder ging praten, misschien wel uit schaamte.

Het laatste jaar viel het mij op dat oma nauwelijks at of dronk. We bespraken dit met de verzorgers, maar wisten niet of dit een bewuste beslissing van oma was of dat het te maken had met haar aftakelende brein. Als resultaat verloor ze 30 kilo in een half jaar. Ze nam de pillen niet langer en als ze wakker was leek het soms alsof ze zelfs helder was, weer de oude oma  van vroeger. Toch kon ze bijna geen normale zin uitbrengen. Meestal sliep ze wanneer ik aankwam. In haar rolstoel reed ik haar dan door de tuin heen. Tegen de tijd dat we terug waren was ze nog steeds diep in slaap. Dit was confronterend en als ik er aan terug denk heb ik het als erg zwaar ervaren om door te gaan met naar oma gaan wanneer ze geen respons meer gaf. Ik ging minder vaak langs, terwijl mijn moeder en haar zus vaker gingen.

Vijf maanden later overleed ze in haar slaap. De dag ervoor stonden we allemaal rond haar bed, en we wisten dat het niet lang meer zou duren. De hele familie was erbij en nam afscheid. We hadden er vrede mee dat ze zou gaan en het antwoord “ja” op de vraag of ze gelukkig was, was rustgevend.

Ik heb ontzettend veel respect gekregen voor de verzorgers van verzorgingstehuizen. Ze zijn enorm betrokken bij het leven van iedere bewoner en blijven een sociale plek creëren waar de bewoners comfortabel hun laatste jaren kunnen doorbrengen. Elke dag staan ze er met een lach op hun gezicht.

Ik kan me ook voorstellen dat het bizar is als je je realiseert dat voor sommigen zonder familie, die er hun laatste dagen doorbrengen, jij de laatste aanwezige vriend bent. Je ziet dat ze vol passie het werk doen, anders is het ook niet vol te houden denk ik. Bij het overlijden van mijn oma moesten zij ook huilen en rouwden zij met ons mee. Sommigen waren zelfs bij de begrafenis.

Ik realiseerde mij dat we heel veel geluk hebben gehad met deze lieve verzorgers voor oma Lan, omdat het budget voor ouderenzorg in ons land steeds kleiner aan het worden is. Op activiteiten, amusement, zang, gymnastiek en buiten wandelen wordt steeds meer bezuinigd. Hierdoor zijn er minder verzorgers en moeten ze efficiënter werken. Het invullen van dagrapportages over iedere bewoner zorgt er ook voor dat er minder tijd is om aandacht te geven en met de bewoners te praten, wat zo nodig is om te zorgen dat ze ‘erbij blijven’.

Ik heb enorm veel geleerd en voel dat ik oma voordat ze ziek werd en nadat ze ziek werd van elkaar kan scheiden. Ik heb nu geen vertekend beeld van haar en ik herinner me oma Lan als vrolijk, vriendelijk en vol liefde!

Jouw verhaal op deze site?

Wil je zelf een bijdrage leveren aan deze site klik dan hier

Reacties:

  1. Ik heb respect voor de manier waarop Hidde over de verzorging schrijft. Ik vind het knap wat hij gezien en geleerd heeft. Er zijn veel mensen die van Hidde kunnen leren.
    Ik was lang werkzaam in verpleeghuizen en herken waar Hidde over schrijft. Helaas ben ook ikijn baan kwijt door bezuinigingen. Gevolg: veel minder activiteiten voor bewoners. Triest voor hun.

Eén gedachte over “Wat ik leerde van mijn oma Lan”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *